Home/Vakken/Plants, Ecosystems and People
B-B3PECM247.5 ECTSQ4DutchBachelor

Plants, Ecosystems and People

FaculteitFaculty of Science
NiveauBachelor
Studiejaar2026-2027

Beschrijving

Course goals

Leerdoelen
  • 150 Algemene en typische Nederlandse plantensoorten (her)kennen op zicht;
  • Deze plantensoorten kunnen plaatsen in context van hun ecologie;
  • Nederlandse planten op basis van hun wetenschappelijke naam in hun typische Nederlandse vegetatietypen kunnen plaatsen;
  • Nederlandse plantensoorten middels de Heukels’ Flora (24e druk) kunnen determineren;
  • De meest belangrijkste plantenfamilies van de Nederlandse flora en enkele overige belangrijke plantenfamilies voor de mens (her)kennen op zicht;
  • Enkele belangrijke economische plantensoorten herkennen, hun geografische oorsprong en belangrijkste toepassingen;
  • Kennismaking met het werkveld gerelateerd aan plant- en vegetatieherkenning.

Vaardigheden
Vaardigheden Onderdeel van de cursus Expliciet getoetst?
Schrijven X X
Mondeling presenteren X X
Omgaan met data    
Praktische onderzoeksvaardigheden X X
Onderzoeksvaardigheden    
Samenwerken X X
Kritisch denken X X
Loopbaanoriëntatie X  
Interdisciplinariteit    


 

Content

Ingangseisen
De niveau 2 cursus Taxonomie en Identificatie is verplicht om behaald te hebben of parallel te volgen.
Het is toegestaan de cursussen Biodiversiteit en Landschap en de cursus Planten, Ecosystemen en de Mens beide te volgen. Omwille van de studeerbaarheid van de opleiding op niveau 3 geldt wel dat studenten die niet de cursus Planten, Ecosystemen en de Mens gevolgd hebben voorrang krijgen bij de plaatsing bij Biodiversiteit en Landschap.


Studie-interesserichting
Deze cursus past in de studie-interesserichtingen Ecologie & Natuurbeheer en Evolutie & Biodiversiteit.

Taal
Colleges worden afhankelijk van de docent in het Nederlands of Engels gegeven. Voor de projectbegeleiding geldt hetzelfde. De toets, schriftelijke verslaglegging en presenteren in groepsverband is in het Nederlands.

Inhoud
Naar schatting komen er bijna een half miljoen verschillende plantensoorten voor op aarde. Planten zijn de primaire producenten van alle terrestrische ecosystemen en leveren belangrijke goederen en diensten; waaronder voedsel, medicijnen, de opslag van koolstof, het reguleren van het (micro)klimaat en het leveren en het bepalen van onze culturele identiteit.

Het behapbaar maken van deze plantendiversiteit is essentieel om haar te kunnen waarderen, beschermen en behouden. In deze cursus trainen we dit vooral aan de hand van de Nederlandse flora en haar vegetaties door het gebruik van familiepatronen, de “Heukels’ Flora van Nederland” en de “Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland”. Daarnaast worden er een aantal plantengroepen behandeld die belangrijk zijn voor de mens in het algemeen.

De ecologie en waarde van planten en vegetaties wordt grotendeels bepaald door abiotiek, biotiek en de mens. De mens drukt vaak een enorme stempel op het voorkomen van plantensoorten en vegetaties, bijvoorbeeld door verstoring/gebruik en het creëren of vernietigen van leefgebied. Met kennis over deze zaken kan een getraind iemand, een ‘botanist’, het landschap ‘lezen’ en waarderen. In het Nederlandse groene werkveld (o.a. ecologische adviesbureaus) is er veel vraag naar dergelijke getrainde botanisten. Daarom wordt er in deze cursus ook aandacht besteed aan hoe deze kennis in het groene werkveld in praktijk wordt gebracht. Daarnaast behandelen we planten naar verschillende vormen van gebruik, waarbij we de historische betekenis en manieren waarop ze gebruikt zijn toelichten.

Deze cursus geeft verdere verdieping in de taxonomische kennis van het plantenrijk zoals al opgebouwd in de niveau 1 cursus Evolutie en Biodiversiteit en de niveau 2 cursus Taxonomie en Identificatie. In de cursus Taxonomie en Identificatie wordt het werken met de Heukels’ Flora al geïntroduceerd, maar in deze cursus wordt de student verder bekwaam gemaakt. Deze cursus is voortgekomen uit de Biologie in het Werkveldcursus - Introductie in de Nederlandse Flora en kent daarom enige overlap.

Globale opzet en bijbehorende werkvormen
Tijdens week 1 tot en met 7 zijn er colleges, practica en excursies om enerzijds de Nederlandse flora en vegetatie en anderzijds belangrijke plantenfamilies en gebruiken te leren kennen. De practica worden in tweetallen gemaakt. De colleges en practica vinden plaats op het Science Park. De excursies vinden deels op het Science Park plaats (Botanische Tuinen en omgeving) maar ook deels daar buiten. Er vindt een excursie plaats naar een Heidegebied op de Utrechtse Heuvelrug, een Veenweidegebied nabij Westbroek, en een Duingebied nabij Wassenaar. In week 8 is er op de vrijdag een excursie naar Zuid-Limburg nabij Gulpen, die opgevolgd kan worden met een speciale, begeleide maar vrijblijvende weekend-excursie (zaterdag en zondag). De opgedane kennis over de plantenfamilies en de Nederlandse flora en vegetatie wordt getoetst tijdens week 9.

Tijdens week 7 tot en met 10 wordt er gewerkt aan een praktische groepsopdracht waarbij door veldwerk de flora en vegetatie van een gebied wordt ontsloten door middel van flora en vegetatieopnames. Hieruit volgt een rapport dat wordt gepresenteerd en beoordeeld aan het einde van de cursus.

Toetsing
De cursus is voldoende afgerond als je een voldoende (5,5 of hoger) haalt als eindcijfer. Alle individuele onderdelen dienen met een 5,5 of hoger te worden afgerond om de cursus te kunnen halen. Alle onderdelen worden getoetst in het Nederlands. De onderdelen tellen als volgt mee:
  • Plantententamen (plantenfamilies, Nederlandse flora en vegetatie, gebruik van planten): 80% - individueel. Deze toets bestaat uit:
    • familie- en soortherkenning op basis van levend planten(materiaal), en
    • open en meerkeuze vragen over de ecologie en waarde (belang) van plantenfamilies, plantensoorten en vegetaties.
    • open en meerkeuze vragen over het gebruik van planten
  • Praktische opdracht: 20% - groepsverband, waarvan 15% schriftelijke rapportage en 5% presentatie.

De practica en excursies worden niet beoordeeld middels een cijfer maar actieve deelname aan alle onderdelen, met uitzondering van de vrijwillige weekendexcursie (zaterdag en zondag), is verplicht. Het is niet mogelijk om meerdere practica en of excursies in te halen.
De Tuinopdrachten worden met een voldoende of onvoldoende beoordeeld. Uiteindelijk dienen alle tuinopdrachten als voldoende te worden beoordeeld.

Studiemateriaal
Verplicht:
  • Loep met tenminste 10x versterking (ca. €11; 10x doublet 20mm loep verkrijgbaar bij de UBV).
  • Leni Duistermaat (Red.; 2020). Heukels' Flora van Nederland, 24e editie. ISBN 9789001589561 (ca. €60). Let op: Eerdere edities van de Heukels’ kunnen niet worden gebruikt.
  • Joop Schaminée (Red.; 2022). Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland, 3e druk of hoger. ISBN 9789050119207 (ca. €45).

Aangeraden voor tijdens de practica en/of excursies:
  • Bovengenoemde loep.
  • Laptop met stroom en internet.
  • Smartphone of camera om foto’s van planten mee te kunnen maken.
  • Botaniseertrommel en -matje
  • Eigen fiets (OV-fiets ook mogelijk) voor de excursies
  • Een goede conditie om lange wandelingen te kunnen maken (dwz. ca. 14 km).
  • Spullen om te kunnen kamperen voor de excursies in Zuid-Limburg.
  • Goede wandelschoenen en (waterdichte) regenkleding

Let op:
De reiskosten van de excursies op én buiten het Science Park zijn voor eigen rekening.
Het doorgeven van deelname aan de vrijblijvende weekendexcursie naar Zuid-Limburg is verplicht en dient op de eerste cursusdag te worden doorgegeven. Het is mogelijk om voor deze excursies te kamperen op Camping de Gronselenput (Haasstad 3, 6321 PK Wijlre), dat vanuit de cursus wordt gecoördineerd. De totale overnachtingskosten bedragen ongeveer €35,- per persoon. Kosten van levensonderhoud zijn voor eigen rekening.
 

Reviews0 reviews

Nog geen reviews voor dit vak. Wees de eerste!

Heb jij dit vak gevolgd?

Deel je ervaring met toekomstige studenten. Inloggen met je Universiteit Utrecht mailadres duurt één minuut.

Schrijf een review