Home/Vakken/Organizing sports in a dynamic society
USG70127.5 ECTSQ1DutchMaster

Organizing sports in a dynamic society

FaculteitFaculty of Law, Economics and Governance
NiveauMaster
Studiejaar2026-2027

Beschrijving

Course goals

Na afronding van deze cursus heeft de student:
  • Inzicht verworven in de “eigenheid” van sport en de betekenis hiervan voor het toepassen van organisatiewetenschappelijke principes en management strategieën voor sportorganisaties;
  • Inzicht verworven in de kenmerken en werkingsprincipes van verschillende typen sportorganisaties en de betekenis hiervan voor het toepassen van organisatiewetenschappelijke principes en management strategieën;
  • inzicht verworven in kenmerken van sportorganisaties als organisaties met een publieke functie en de manier waarop zij in wisselwerking staan met hun maatschappelijke en bestuurlijke omgeving;
  • aangetoond wetenschappelijke literatuur kritisch te kunnen bespreken en schriftelijk te verwoorden;
  • aangetoond in staat te zijn om te reflecteren op de opgedane inzichten en kennis zoals hiervoor beschreven vanuit het perspectief van ‘betwiste grenzen’;
  • vaardigheden ontwikkeld om op basis van theorie en empirie stellingen te formuleren en te beargumenteren;
  • Vaardigheden ontwikkeld als strategische professional om op basis van theorie een handelingsperspectief te ontwikkelen bij casussen die zich in de trainee-organisatie/praktijk voordoen.

Content

Hoewel sport vaak wordt gewaardeerd om zijn positieve spillover-effecten op de maatschappij, zoals het bevorderen van gezondheid en sociale integratie, wordt het in essentie niet beoefend vanwege deze externe voordelen. Om sport echt te begrijpen, moet het worden erkend als een relatief autonome sector, met een eigen set expressieve betekenissen en institutionele structuren die verschillen van die in andere sectoren (Gammelsæter, 2021; Steenbergen, 2004). Voor degenen die sport enkel door een instrumentele lens bekijken—met de nadruk op de externe voordelen—kunnen dezelfde activiteiten en structuren overbodig of zelfs schadelijk lijken (Van Bottenburg, 2018). Dit expressieve begrip van sport contrasteert met de meer instrumentele visie die domineert in het overheidsbeleid (Nagel et al., 2020; Skille, 2008; Vos et al., 2011; Waardenburg, 2016). In het overheidsbeleid wordt sport vaak geframed als een instrument om bredere maatschappelijke doelen te bereiken, zoals het verbeteren van de volksgezondheid of het bevorderen van sociale integratie. Hoewel deze maatschappelijke doelen belangrijk zijn, mag de intrinsieke waarde van sport, geworteld in zijn eigen expressieve betekenis en structuren, niet over het hoofd worden gezien. Sportorganisaties kunnen alleen worden begrepen en effectief worden bestuurd of ondersteund door zowel de instrumentele als expressieve betekenissen en structuren die sport definiëren, te erkennen naar te handelen. Het negeren van deze sportspecifieke logica kan het risico vergroten dat de veronderstelde externe voordelen van sport worden aangetast (Gammelsæter, 2021). Deze instrumentele beweging heeft invloed op sportorganisaties. We zien hierop dan ook verschillende reacties van sportorganisaties. Er ontstaan nieuwe (hybride) organisatieprocessen, zoals sportaanbod door bonden naast het aanbod door verenigingen, de clustering van kleinere sportbonden en omni-sportaccommodaties. En er ontstaan nieuwe beroepsgroepen, zoals buurtsportcoaches en combinatiefunctionarissen en publieke-private samenwerkingsverbanden. In deze voorbeelden is veelal sprake van ‘betwiste grenzen’: actoren dienen met elkaar de grenzen te bepalen tussen een sportspecfiieke en instrumentele aanpak, tussen verantwoordelijkheden en bevoegdheden binnen en tussen betrokken organisaties, tussen vrijwilligers en professionals, tussen publieke en private organisaties. Deze grenzen staan veelal niet vast, maar worden in verschillende contexten en constellaties steeds weer opnieuw betwist.

Tijdens deze eerste cursus van het masterprogramma Sportbeleid en Sportmanagement krijg je aan de hand van kritische besprekingen van klassieke organisatiewetenschappelijke literatuur en teksten over de eigenheid van sport, inzicht in hoe de organisatie van sport in een dynamische samenleving begrepen kan worden en welke grenzen daarbij worden betwist. Daarnaast krijg je professionele training in de vorm van intervisie, waarin we onder meer ingaan op de organisatiedynamiek van de organisatie waar je als trainee werkzaam bent.
De toetsing van de cursus bestaat uit een essay en een discussietentamen waarin je beoordeeld wordt op de argumentatie van een aantal door jou voorbereide stellingen en je bijdrage aan de discussie. Daarnaast gaan we met diverse casussen aan de slag om als strategische professional een handelingsperspectief te ontwikkelen voor praktijksituaties.
 

Reviews0 reviews

Nog geen reviews voor dit vak. Wees de eerste!

Heb jij dit vak gevolgd?

Deel je ervaring met toekomstige studenten. Inloggen met je Universiteit Utrecht mailadres duurt één minuut.

Schrijf een review